Deel 4 - Zuid Italië najaar 2018

Matera - Salerno  * woensdag 19 september

We servicen de camper af, rekenen af (24 euro voor 2 nachten) en vertrekken in de vroege morgen. Eerste doel vandaag is Altamura, Citta del Pane oftwel de broodstad. De oude binnenstad is niet bereikbaar voor de camper, die parkeren we en laden de scooter uit. Zonnebrillen op en gaan met die uhmm ….. muis. We doorkruisen een aantal malen de best wel grote oude binnenstad om te bepalen waar we willen zijn. Een lopende toeristengroep met aan het hoofd een vrouw met het onvermijdelijke vlaggetje wijst ons vervolgens de weg, de Zona Pedonale in naar Centro Storico. Via een winkelstraatje komen we bij de centraal gelegen oude kathedraal. Iedere keer wordt je toch weer verrast door het interieur en ik schiet mooie plaatjes. Midden op het plein nuttigen we een zalige cappuchino met een belegd minicroissantje. Toeristenprijzen zijn hier nog niet echt aan de orde, de schade bedraagt een luttele 3,60 euro. We lopen nog wat rond, treffen nog zo'n vermakelijk straattafereeltje met het rijtje plaatselijk pensionada's en gaan op zoek naar een bakker het is tenslotte de broodstad. Dat behoeft enige uitleg. Zoals in zoveel steden in Zuidelijk Italië bereidden mensen voorheen hun brooddeeg thuis en lieten dat in de grote oven bij de bakker afbakken en haalden dat vervolgens weer op. Het deeg krijgt vooraf een herkenbaar teken zodat al die broden bij de juiste mensen weer terecht kwamen. In Altamura bestaat dit afnemende gebruik nog steeds. Onze vriend Googlemaps helpt ons de richting vinden en we komen terecht bij Antico Forno een bakkerij die sinds 1453 op deze plek is gevestigd! We wandelen het oude bouwsel in en bezien met verbazing de nog antiekere inrichting, waar de oven een centrale en prominente plaats inneemt. We bestellen wat, het brood is bijna klaar, dus we wachten geduldig af. De hele ambiance is immers een feestje voor het oog, en de broodgeuren die rondwaren maken dat plaatje af. We wandelen met een prachtig handgemaakt brood, een zalig stuk pizza en tonijnfoccacia de toko uit. Na nog een koffiestop weer camperwaarts. Dan onderweg naar Gravina di Puglia, weer zo'n stad die aan een kloof ligt. Pas nadat we door de stad zijn heengereden en afgedaald, zien we beneden aan vanaf een weggetje op een heuvel hoe deze stad zich verheft aan de overzijde van de kloof, c'est magnifique ! Niet zo groots als Matera, maar wel weer bijzonder. Geparkeerd op deze Bèlvedère, snijden we ons Altamura-brood aan en smikkelen en smullen hiervan, intussen genietend van het uitzicht, zo dat is leven als God in Zuid-Italië. Dan nemen  we een binnenroute richting Potema. Bedoeling is een CP aan te rijden bij Pertosa zo'n 150 kilometer verderop. De wat in de war zijnde China-Navi voert ons eerst via een andere zijde opnieuw Gravina in om ons vervolgens, na weer de stad te hebben doorkruist en ruim een half uur later, vlak langs onze lunchplek te brengen!  De ingestelde "groene" route voert ons vervolgens over talloze smalle weggetjes met prachtige uitzichten naarmate het relief in het landschap toeneemt. Wel neemt de kwaliteit van het wegdek af en gaat het lichtjes regenen. Nadat een plank in één van de kastjes met een klap bezwijkt door de klappen die het abominabele wegdek veroorzaakt vind ik het welletjes en duiken we  de "grote" weg op. Vlak na Potema slaan we af richting Pertosa het niemandsland in. De in toenemende mate onbegaanbaar wordende weg zit mij niet lekker en als het ook nog eens de aanduiding Vietato voor wat groter verkeer krijgt, draaien we terug naar de snelweg en gaan richting richting Sorrento. Rond het avonduur stoppen we  bij een betaalde CP aan de rand van Salerno. Niet de allerfraaiste, maar wel goed beveiligd door de aanwezige bewaking. Na de smakelijk Altamura-restanten aan brood, foccacia en pizza met een glas wijn te hebben weggespoeld, kletsen we nog wat hoe we de komende dagen gaan invullen. Daarna op tijd in ons mandje, was toch wel een vermoeiende dag.


Salerno - Pompeiï  * donderdag 20 september

Vanmorgen eerst op ons scootertje naar de Pronto Sorcorso gereden van een universiteitshospitaal 10 kilometer verderop. Daar door een arts naar de knie van Marjos laten kijken en kregen te horen dat het helingsproces nog wel even ging duren; de hechtingen kunnen er op zijn vroegst pas over een dag of 5 uit. Op de terugweg bij een Farmaceria nieuwe voorraden verband en compressen ingeslagen. Na de CP te hebben betaald gaan we onderweg naar Pompeiï, Sorrento en de Amalfikust slaan we over. Van buren hadden we gehoord dat je daar lang niet overal mag komen met een camper en door de toeristen één grote file is, vandaar. In Pompeiï nemen we camping Spartacus, direct bij de ingang van de opgravingen. Alle onbetaalde P's zijn er niet of stellen niets voor. De camping voldoet prima, niet te groot en ligt direct waar we willen zijn. Rond half drie naar de site gewandeld, twee keer € 15,- entree betaald n de opgravingen opgelopen. Ik was hier voor het laatst 45 jaar geleden, maar tjonge jong het is wel veranderd. Het is allemaal veel groter, grootser en toeristischer geworden; toch blijft het een genot om hier rond te lopen. Pompeiï, ooit een stad van 20.000 inwoners met alles erop en eraan, geeft ondanks de schade die het heeft opgelopen door de uitbarsting van de naastgelegen Vesuvius in 79 AD, een goede indruk van hoe het leven daar eens was. De herinneringen borrelen op als ik weer de karresporen, het bordeel en de kruidenierszaken zie, grappig! De talloze fresco's en mozaïekvloeren zijn prachtig, evenals de Romeinse graffiti op de muren. We denderen in de hitte de volledige site af en na een cappuccino in de bar bij het Foro, vinden we het genoeg en gaan we terug naar de camping. Alsof we nog niet genoeg gelopen hebben, besluiten we lopend de anderhalve kilometer te overbruggen naar het restaurant Mercato Pompeiano, wat van Tripadvisor goede beoordelingen krijgt. De gefrituurde courgettebloemen, gepaneerde kipfiletjes smaken prima, maar zijn zeker geen top. De tiramisu is heerlijk! Voldaan, maar moe lopen we de volle hap weer terug naar de camping. Na een koffie en een borreltje, gaat het lampje uit.

NB Vannacht de airco aangehad, het is stikbenauwd. 


Pompei"  * vrijdag 21 september

Uiteindelijk, door de airco, toch nog lekker geslapen, dat hielp goed tegen de enorme benauwdheid vannacht. Vanmorgen eerst maar eens alle zaken gaan opruimen in de camper en besproken wat we gaan doen. We nemen ons voor rustig aan te doen en op het gemak naar Ercolano te rijden, ook al omdat we bij het verband wisselen zien dat de knie-wond bij Marjos weer open is gegaan door het vele lopen van gisteren. Dan, tijdens het opruimen horen we ineens een bekende stem zeggen: "Hoi, we zijn er weer" en ja, hoe leuk, daar staan Erik en Riëtte, die vanochtend vanaf de Almalfikust hiernaar toe gereden zijn. Heerlijk ge-koffie-ed en verhalen uitgewisseld; het is weer reuze gezellig. We beslissen snel, vandaag rijden we niet door, wij houden een rustdag (knie Marjos), zij doen Pompeiï aan en vanavond gaan we met z'n allen uit eten, immers vandaag is Erik jarig! Tijd genoeg dan ook om verderop bij de Carrefour boodschappen te halen, wat uit te rusten en te relaxen. Tegen de avond als Erik en Riëtte terug zijn, eerst borrelen en verder kletsen. Dit zetten we vrolijk voort in het nabijgelegen restaurant Caupona. Deze  eetgelegenheid pretendeert in originele Romeinse stijl en kleding authentiek eten te serveren. Ook de gasten kunnen zich bij de ingang in Romeinse tuniek/jurk hijsen, maar dat vinden we in deze warmte net wat te ver gaan. Ondanks het hoge "Volendam" - gehalte, vermaken we ons uitstekend. We kiezen inderdaad voor het authentieke menu. Niet alle gerechten zijn super lekker, maar verrassend is het zeker en de wijze hoe het wordt opgediend is prachtig. De vis en het toetje bestempelen we tot favoriet, die zijn zalig, een fijne avond! De wijn (rood en wit) + Mulsum (Romeinse kruidenwijn met honing) + limocello maken de loop terug naar de camping wat wankel, maar we komen er, het behoeft geen betoog dat slapen geen probleem is.


Pompeiï - Abdij Montecassino  * zaterdag 22 september

Vanmorgen weer afscheid genomen, maar we hebben niet het idee voor lang. E & R gaan naar Caserta naar het Palais Royal en wij gaan eerst naar de opgravingen van Ercolano voordat we ook dat paleis gaan bezoeken. Ercolano is niet te ver en we parkeren voor de ingang van de site, toegang € 11,- pp.  Herculeum (de Romeinse naam) aan zee gelegen, werd in 79 AD bedolven onder een langzame laag lava die uiteindelijk 15 meter hoog werd! In tegenstelling tot Pompeiï is hier veel minder ingestort en doordat alles luchtdicht werd opgesloten is het veel beter bewaard gebleven, met name organisch materiaal zoals hout en menselijke resten. In een diep gat, ligt beneden het tot dusverre uitgegraven deel. In een goed anderhalf uur hebben we alles bekeken en het moet worden gezegd: zeer de moeite waard. We sluiten af met de vele skeletten van mensen die in de boothuizen bij het oorspronkelijke strand niet meer weg konden komen tijdens de uitbarsting, indrukwekkend. De 20 meter hoge muur van lava, recht hiertegenover, benadrukt nog eens goed welke ramp zich hier heeft voltrokken. Wel is in de volle zon lopen uitputtend, dus we rijden zo snel mogelijk weg met de airco aan. Van E & R krijgen we inmiddels de eerste berichten binnen uit Caserta, zij zijn op een huurfiets de immense tuin van het paleis aan het berijden. Zo te horen in deze hitte, geen sinecure. In een goed uur arriveren wij ook in Caserta. Het bizar grote Unesco paleis van de koningen van Napels en Sicilië is moeilijk te misen, kolossaal gewoon en volgens zeggen het grootste van de wereld. Op het parkeerterrein lopen we E&R tegen het lijf, die zijn klaar hier. Ze geven nog wat tips en tricks en gaan alvast onderweg naar de Abdij van Montecassino die wij later op de dag zullen aandoen. Entree betaald 2 x € 12,- en het imposante gebouw ingelopen. Inderdaad het is huge, wat een bouwwerk. Ook de aankleding is buitensporig weldadig, giga trappen brengen je naar de bovenverdieping en we zijn minstens anderhalf uur bezig rond te lopen door slechts 1/8 van het gebouw. De nodige mooie plaatjes geschoten en aan de achterzijde de immens grote tuin ingelopen. Een bus brengt ons naar de waterpartijen aan de andere kant van de tuin, 3,5 kilometer verderop. Voordeel geen ge-loop of ge-fiets, nadeel onderweg bij alle andere fonteinen kunnen we er niet uit. Bovenaan gekomen wat rondgelopen bij de abnormaal grote en weelderige fontein en waterpartij die wordt gevoed door een enorme waterval. Zo het is weer voldoende voor vandaag, we gaan op weg naar Montecassino. Via een steeds verder omhoog lopende weg zien we in de verte de abdij opdoemen, majestueus en ongenaakbaar in de hoogte! Op de parkeerplaats naast de abdij mag er tegen betaling (€ 8,-) worden overnacht, superplek. Op de toegangsweg kan je overigens gratis parkeren en overnachten, maar dan sta je wel schuin en kan je tafeltjes en stoeltjes wel vergeten. Heerlijk buiten geborreld (we borrelen wat af) en gegeten, Erik had zich weer compleet uitgesloofd en verrukkelijke spaghetti op tafel gezet, zalig. Grazie Erik. Aan alle gezelligheid kwam pas rond het middernachtelijk uur een einde. Overigens de abdij, 100 meter verderop, is echt in werking. Op alle bidmomenten, vespers, completen, metten etc. worden de klokken galmend geluid. Het uitzicht op het dal is formidabel. 


Abdij Montecassino - Marmore  * zondag 23 september

Vanmorgen verfrist opgestaan dankzij de koelere temperatuur op deze hoogte. De stilte werd vanmorgen nog even verdrongen door het diepe bas-gebeier van de abdij die om 05.00 uur (metten en lauden) de dag inluidde. Buiten gekomen, zo rond half acht, hangt de heiigheid die we gisteravond in toenemende mate waarnamen, nog steeds in het dal. Bijzonder fraai is nu dat diverse toppen er in het zonlicht bovenuit steken. De eerste toeristen arriveren al en wij maken ook aanstalten om de abdij te bezoeken. Montecassino, gesticht in de 5e eeuw op de ruïnes van een Romeinse tempel door de heilige Benedictus, wordt ook wel de bakermat van de Westerse kloosters genoemd. Het neemt in de Katholieke kerk een eminente plaats in en werd vrijwel door iedere paus veelvuldig bezocht en van privileges voorzien. De abt is een zeer belangrijke (pauselijke) benoeming en is gelijkwaardig aan een bisschop, ondanks dat het totaal aantal monniken op dit moment slechts 8 personen betreft. Het is de laatste rustplaats van Benedictus en is al vier keer verwoest in 15 eeuwen. De laatste maal in de 2e wereldoorlog toen de Duitse Gustavlinie hier de hoofdvestiging had en de geallieerden de abdij moesten veroveren om op te kunnen rukken naar Rome. Montecassino is uiteindelijk ingenomen door Poolse soldaten en heeft voor de Polen dan ook een bijzondere betekenis. Na de oorlog is het volledig opnieuw opgebouwd. Het heeft de status van een pelgrimsplaats en bedevaartsoord. We beklimmen de toegangsweg en stappen door de hoofdingang de kloostertuin in en nemen wat nemen wat foto's van de veranda en het grote trapbordes naar de kerk. Daar vindt een zeer bijzondere ontmoeting plaats met een beveiliger van de abdij, aan wie wij vragen een foto van ons vieren te maken. De 65-jarige Kouakou is afkomstig uit het grensgebied van Ivoorkust en Ghana en vertelt ons zijn bijzondere levensverhaal.  Zoon van een Ashanti-chief, die zijn moslimvader op 15-jarige leeftijd vertelde dat hij voor het Christendom ging kiezen. In Engeland marketing en communicatie ging studeren en daar zijn huidige Italiaanse vrouw leerde kennen. Met haar 3 kinderen kreeg, twee dochters en een zoon, waarvan 2 arts zijn geworden en de zoon Ranger in het Amerikaanse leger en inmiddels drie kleinkinderen heeft. Als ik het woord Ashanti en Goudkust in de mond neem en het verhaal vertel van - De zwarte met het witte hart - (Arthur Japin) lopen de rillingen over zijn lichaam. De emotie over de slavernij -forten en -verleden zit zeer diep bij hem. We geven aan dat we eerst de kerk gaan bezoeken en hopen dat we hem straks nog kunnen spreken en dat vindt hij fijn. De (herbouwde) kerk is weer prachtig en vol gelovigen. Ook bezoeken we de eeuwenoude ondergrondse crypte van Benedictus. Wij horen dat er straks een Gregoriaanse mis start en buiten vragen we aan Kouakou wat hij vindt: kunnen we naar binnen en zo maar weer naar buiten? Hij zegt, dat dit geen probleem is en geeft ook aan dat hij het geloof inmiddels is verloren, dit vanwege de (bijna) verkrachtingen die een monnik en een abt hem hebben aangedaan. De abt die door de vorige Paus, Ratzinger zoals hij hem noemt in plaats van Benedictus de 16e, middels vriendjespolitiek is benoemd. Het is een zeer bewogen gesprek met deze buitengewoon intelligente Afrikaan, die door dit gebeuren behoorlijk is beschadigd. Hij is blij dat hij over 22 dagen met pensioen gaat, we geven aan graag contact met hem te willen houden en hij vindt dit geweldig. (De eerste App's in de dagen daarna zijn reeds uitgewisseld). Zijn getuigenis van zijn belevenissen maakt best veel indruk bij ons en ieder loopt er wat peinzend bij. Tijdens de kop koffie bij de camper praten we nog volop over deze ontmoeting. Ook komen onze plannen voor vandaag aan bod, volgende gezamenlijke doel wordt de Cascate delle Marmore, een beroemde kunstmatige waterval vlakbij Terni, ruim 200 kilometer verderop. Wij beloven onderweg boodschappen te doen en voor het eten te zorgen, dus we rijden apart. Eerst met zijn allen nog naar de  erebegraafplaats van de Poolse soldaten en ook hier weer geconfronteerd met de bijzondere band die de Polen hebben met Montecassino. Een bewogen gesprek met de vrouwelijke Poolse beheerder, wiens oom hier is gesneuveld, benadrukt en onderstreept dat. Na voedsel te hebben ingeslagen in de stad bij de Lidl gaan we 'en route' richting Avezzano. Wat een genot, we rijden wederom een fraai berggebied in, niet ver verwijderd van onze eerdere route op de heenweg tussen Ancona en Pescara. Bekende plaatsnaambordjes als L'Aquila worden door ons gepasseerd. Het tweede deel na Avezzano richting Terni houdt aanzienlijk meer op. De weg wordt smaller en het heeft veelal een onmogelijk slecht wegdek, dus de vaart gaat eruit. Tegen de avond bereiken we door E&R aangegeven plek, een parkeerstrook in de bossages van het park voor de gesloten camping. Het park gelegen voor de entree van de watervallen zit nog vol dagjesmensen,  hele families die genieten van het nog immer fraaie weer. We stallen onze camper op een prachtplek en installeren ons met tafeltjes en stoelen op het direct naastgelegen grasveldje. Het meegenomen eten gaat op de wegwerp BBQ die we uit één van onze onderluiken te voorschijn toveren. Onderuitgezakt eten, drinken,babbelen en intussen geamuseerd al die activiteiten van de andere mensen aanzien, we kunnen het slechter treffen! Diverse keren komt ook nog Kouakou en zijn verhaal ter sprake, heeft een diepe indruk op ons gemaakt. Als allerlaatsten, iedereen is allang vertrokken ons mandje opgezocht. We hebben ons weer uitstekend vermaakt.


Marmore - Assisi   * maandag 24 september

Heerlijk geslapen en verkwikt opgestaan. Voordat we gezamenlijk doorrijden naar Assisi willen we eerst de waterval bezoeken. Deze Cascate delle Marmore is best wel bijzonder, hij is namelijk kunstmatig. Een groot stuwmeer moet bij tijd en wijle afgeboezemd worden en dit gebeurt twee maal per dag door op een knop te drukken, waarna een schuif wordt geopend naar een overlaat. Het water baant zich een weg via een enige kilometers lang en smal kanaal wat uitmondt op een bergkam. Hier stort  dit overtollige water op spectaculaire wijze trapsgewijs 180 meter naar beneden. Dan beneden aan, wordt het zijwaarts afgevoerd via een wildwaterbeek naar een doorlaat voor het opwekken van elektriciteit.

Bij het ticketoffice, 100 meter van onze campers, vernemen wij dat het een hele klauterpartij naar beneden wordt, om de waterval in zijn volle glorie te kunnen bewonderen. Dat is geen optie voor Marjos en haar gekwetste knie. Een alternatief is om met de camper zo'n 18 kilometer te rijden om bij ingang 2 te geraken aan de onderzijde van het waterfenomeen. En dat gaan we doen.

Een prachtige route voert ons door een uitermate fraai landschap van heuvels, bossen en vergezichten. Bij Entrada 2 aangekomen betalen de toegang ad 10 euro pp  en gaan op zoek naar de waterval. Die is al aangezet en stort via verschillende cascades omlaag, een superspektakel. De waterval wordt in zijn geheel omgeven door een gigantische nevelwolk. We lopen al foto-schietend en oh's en ah's roepend op de Bèlvedère, lachend om mensen in plastic poncho's, fun! Een tof begin van de dag! Toch slim van die Italianen om van een simpele wateroverlaat van het bovengelegen stuwmeer een superattractie te maken.

Erik en ik gaan het  smalle en glibberige pad op naar boven om de waterval vanuit een ander perpectief te zien. Door wolken van waternevel wandelen we langs woeste stromen, watervalletjes en stroomversnellingen en klauteren over kletsnatte bruggetjes; nu  zijn we echt doorweekt. Nog her en der wat foto's geschoten onder andere van een door de nevel gevormde regenboog. Beneden aan op een terrasje, met cappuchino en ristretto, weer wat opgedroogd.  

Dan op naar een restaurantje wat ik onderweg in het 10 kilometer verderop gelegen slaperige dorpje Amore heb gezien. Daar betreden we de Trattoria "il Giardino dei Rossi" en zetten ons neder in de op een schaduwplek van de prachtige tuin. Het eten met regionale receptuur is anders en verrukkelijk. Naast de gebruikelijke koude hapjes biedt de antipasti hier ook vele warme en prachtig opgemaakte hapjes, die heerlijk smaken en een perfecte combi vormen met de aanbevolen regionale wijn. De spaghetti a la Cinguale smaakt perfect en de dolce, ricotto met frutti di Bosco maakt het af. Genietend in deze ambiance en ontdekken we al keuvelend steeds meer overeenkomsten die we delen in ons leven, leuk.